Diese Seite wurde automatisch übersetzt. Es kann daher zu Abweichungen oder Ungenauigkeiten im Text kommen. Verbindlich ist ausschließlich die Originalfassung. Rechtsansprüche aus Inhalten der übersetzten Version sind ausgeschlossen.

Schaakregels

Schaakregels

Doel van het spel

Het doel is om de koning van de tegenstander schaakmat te zetten.

Dit betekent dat de koning wordt bedreigd en zichzelf niet meer kan redden.


De figuren & hoe ze bewegen

  • King: Eén veld in elke richting
  • Koningin: Een willekeurig aantal velden in alle richtingen
  • Toren: Zo recht mogelijk (horizontaal & verticaal)
  • Bisschop: Zo diagonaal mogelijk
  • Paard: in "L-vorm" (horizontaal of verticaal) en dan één veld opzij. Het kan over stukken springen (eigen stukken of die van de tegenstander)
  • Bauer:
    • Eén veld vooruit (twee mogelijk bij de eerste zet)
    • Slaat diagonaal

________________________________________

Gameplay

  • Wit begint en zet dan om de beurt
  • Per zet wordt één figuur verplaatst
  • Je mag de stukken van je tegenstander slaan (van het bord nemen)

________________________________________

Belangrijke regels

  • Schaken: Koning wordt aangevallen → moet worden beschermd
  • Schaakmat: Koning kan niet meer ontsnappen → Spel voorbij


Rochade
: de koning in veiligheid brengen door de koning en de toren tegelijk te verplaatsen

Hoe wordt het gedaan?

  • De koning beweegt twee velden in de richting van de toren.
  • De toren springt dan over de koning naar het veld er direct naast.

Staat:

  • De koning en toren hebben nog niet bewogen in het spel en er staat geen stuk tussen.
  • De koning staat niet schaak.
  • De koning mag niet over een bedreigd veld bewegen en mag er ook niet op bewegen.

Er zijn twee soorten:

  • Korte rokade: met de toren aan de nabije kant (kortere weg)
  • Lange rokade: met de toren aan de andere kant (langere weg)


En passant: Speciale staking met boeren

Hoe het wordt gedaan:

  • Een pion mag bij zijn eerste zet twee velden vooruit.
  • Als het een pion van de tegenstander passeert, kan het geslagen worden door de pion van de tegenstander.

Staat:

  • De pion die geslagen moet worden, moet vanuit de beginpositie een dubbele stap hebben gedaan en direct naast de pion van de tegenstander staan.
  • Alleen dan kan de pion van de tegenstander en passant slaan, niet later.


Verpanding omzetten

Hoe het wordt gedaan:

  • Als een pion de laatste rij aan de overkant bereikt, verandert hij in een ander stuk.
  • Alle stukken behalve de koning en pion zijn mogelijk.
  • Het is niet nodig om een stuk te gebruiken dat al is uitgeschakeld, dus je kunt bijvoorbeeld met twee koninginnen of drie paarden blijven spelen.
  • De nieuwe figuur wordt op het transformatieveld geplaatst.
  • Trekken (gelijkspel) bijv. met:
  • Patstelling (geen zet mogelijk, maar geen schaak)
  • Te weinig cijfers
  • Herhaling van zetten

________________________________________

Einde van het spel

  • Overwinning: door schaakmat of overgave
  • Trekking: Trekken


Hulp met toegankelijkheid

  • Algemeen

    We streven ernaar onze website toegankelijk te maken. Details hierover vind je in onze toegankelijkheidsverklaring. Je kunt ons suggesties voor verbetering sturen via ons"Meld een belemmering" feedbackformulier.

  • Lettergrootte

    Gebruik de volgende toetsencombinaties om de lettergrootte aan te passen:

    Groter

    ⌘commando
    +

    Kleiner

    ⌘commando

    Groter

    Ctrl
    +

    Kleiner

    Ctrl
  • Toetsenbordnavigatie

    Gebruik TAB en SHIFT + TAB om door volgende/vorige links, formulierelementen en knoppen te navigeren.

    Gebruik ENTER om links te openen en met elementen te werken.

  • Contrast modus

    Druk op de volgende toetsencombinatie om het contrast te verlagen of te verhogen:

    Vergroten

    Controle
    Optie
    ⌘commando
    .

    Afname

    Controle
    Optie
    ⌘commando
    ,
    Opmerking: De snelkoppelingen moeten geactiveerd zijn in de systeeminstellingen van het besturingssysteem.

    Druk op links ALT + links SHIFT + PRINT om de hoogcontrastmodus snel in of uit te schakelen.

  • Kleuren omkeren

    Druk op de volgende toetsencombinatie om de kleurinversie in en uit te schakelen:

    Controle
    Optie
    ⌘commando
    8
    Opmerking: De snelkoppelingen moeten geactiveerd zijn in de systeeminstellingen van het besturingssysteem.

    Activeer eerst het schermvergrootglas en schakel dan de kleurinversie in en uit met de volgende toetscombinaties:

    1. beeldschermloep

    +

    2. kleuren omkeren

    Ctrl
    Oud
    I
  • Schermloep

    Druk op de volgende toetsencombinaties om het schermvergrootglas te gebruiken:

    In-/uitschakelen

    Optie
    ⌘commando
    8

    Vergroten

    Optie
    ⌘commando
    =

    Uitzoomen

    Optie
    ⌘commando
    Opmerking: De snelkoppelingen moeten geactiveerd zijn in de systeeminstellingen van het besturingssysteem.

    Aanzetten / Weergave vergroten

    +

    Uitzoomen