Eikenprocessierups in de stad Aken
Net als in de rest van het land zijn er de laatste tijd ook in Aken gevallen van eikenprocessierupsen geweest. Deze zijn aangetroffen op losstaande bomen, onder andere in Brand, Burtscheid en de Soers. De boomploeg van de gemeentedienst van Aken heeft in tien bomen nesten gevonden en verwijderd. De medewerkers zijn hiervoor speciaal getraind en dragen bij het verwijderen van de nesten een wegwerppak dat het hele lichaam bedekt en een kap met ademhalingsapparaat. „De nesten worden met een industriële stofzuiger en een speciale, dichte zak van de boom gezogen en vervolgens thermisch vernietigd“, legt Nino Polaczek-Keilhauer, teamleider boomverzorging bij de gemeentelijke dienst, uit.
De tien gevallen van dit jaar deden zich voor op plekken die we al kenden. „De afgelopen twee jaar zijn er bij ons weliswaar geen meldingen geweest van de eikenprocessierups”, zegt Nino Polaczek-Keilhauer, „maar de gebieden waar ze zijn gesignaleerd zijn wel dezelfde als drie en vier jaar geleden. Dat komt doordat de rupsen in hun ei, die vanaf de nazomer in de boom verstopt zitten, meerdere jaren kunnen overleven en na een milde winter uitkomen.”
De eikenprocessierups is een vlindersoort waarvan de rupsen een gevaar kunnen vormen voor de menselijke gezondheid, maar ook de gezondheid van eiken kunnen schaden. De vrouwtjes leggen hun eitjes in de bovenste kroon van eiken, in de schors en de onderliggende laag, en camoufleren ze daarna met hun eigen schubben. Als de rupsen in het voorjaar uitkomen, eten ze de verse nieuwe bladeren van de eiken op. Daarom zie je tussen mei en juni, tot aan de verpopping in juli, steeds vaker de voor deze soort typische processies in de bomen. Daarna trekken de rupsen zich terug in hun nesten, die zich vaak onder dikkere takvertakkingen in het binnenste van de boom bevinden, en zeldzamer ook op de stam. Gevaarlijk aan de rupsen zijn de brandharen, die slechts 0,1 tot 0,3 millimeter lang zijn. Deze brandharen, waarvan elke rups er zo’n 600.000 heeft, bevatten een netelgif en hebben weerhaakjes, waardoor ze zich vastzetten in de huid of slijmvliezen. Dit leidt tot jeuk en uitslag van verschillende ernst. Ook nadat de rupsen zich hebben verpopt, blijven de brandharen achter in de nesten of op boomdelen, zoals de schors, en blijven ze nog jarenlang actief en giftig. Door de klimaatverandering en de daarmee gepaard gaande warmere lentemaanden is een uitbreiding van de besmette gebieden niet uitgesloten.
Het is belangrijk om contact met de rupsen en hun webben te vermijden en flink afstand te houden van aangetaste bomen. Een nest van de eikenprocessierups herken je aan het witgrijze web van dikke zijden draden, dat meestal de vorm van een halve bol of een zak heeft.
Spinnermot en eikenprocessierups
Niet alle rupsen in een web zijn van de eikenprocessierups. In het voorjaar worden struiken en bomen ook bedekt met webben van webmotten. De rupsen van deze motten eten ook de bladeren van de bomen op voordat ze zich verpoppen. De webben van deze vlinders worden vaak verward met die van de eikenprocessierups; de rupsen van de webmotten zijn echter ongevaarlijk voor mensen en dieren. Je kunt de webben onder andere onderscheiden doordat de eikenprocessierups vooral eiken aantast. Webmotten komen voor op verschillende soorten bomen en struiken, zoals fruitbomen of sierstruiken. Soms spinnen ze struiken of bomen helemaal in.
Als je een nest in een boom in de stad ziet, kun je dit melden via het callcenter of het meldpunt van de stad Aken. Bij bomen op privéterrein kun je contact opnemen met particuliere boomverzorgingsbedrijven of ongediertebestrijders.
Je kunt je hier abonneren op onze RSS-feed voor onze persberichten https://www.aachen.de/rss-feed-pressemitteilungen/rss.xml