Bedrijfsstatuten
4. Wijzigingsverordening bij de exploitatieverordening van de stad Aken voor de instelling die als een eigen bedrijf functioneert, „Gebouwbeheer van de stad Aken”, van 16 december 2003, gewijzigd door het eerste aanvullende besluit van 8 februari 2005, gewijzigd door het tweede addendum van 7 september 2005, gewijzigd door het derde addendum van 4 december 2024
De gemeenteraad van Aken heeft tijdens zijn vergadering van 28-01-2026 op grond van §§ 7, 41, 107 en § 114 van de
Gemeentewet voor de deelstaat Noordrijn-Westfalen (GO NRW) in de versie zoals gepubliceerd op 14 juli 1994 (GV NRW blz. 666), laatstelijk gewijzigd bij artikel 2 van de wet van 10 juli 2025 (GV NRW blz. 444), in combinatie met de verordening inzake eigen bedrijven voor de deelstaat Noordrijn-Westfalen (EigV0 NRW) in de versie van 16 november 2004 (GV NRW blz. 644, 2005 blz. 15), laatstelijk gewijzigd bij artikel 6 van de wet van 5 maart 2024 (GV NRW blz. 136), is de volgende 4e wijzigingsverordening op de exploitatieverordening van de stad Aken voor de instelling voor gebouwbeheer van de stad Aken, die op 16 december 2003 is vastgesteld:
§ 1
Naam, rechtsvorm, rechtsgrondslagen
(1) De instelling draagt de naam „Gebouwbeheer van de stad Aken”.
(2) Het Gebouwbeheer van de stad Aken wordt als gemeentelijke instelling zonder eigen rechtspersoonlijkheid, overeenkomstig § 107, lid 2, GO NW, volgens de bepalingen van de gemeentewet en met overeenkomstige toepassing van de bepalingen van de verordening inzake eigen bedrijven, en overeenkomstig dit bedrijfsreglement, geleid als een eigen bedrijf.
§ 2 Onderwerp
, doel van de instelling
(1) Het doel van het gebouwenbeheer van de stad Aken, inclusief eventuele ondersteunende en nevenactiviteiten, is het centraal beheren van bebouwde gemeentelijke terreinen, zoals administratiegebouwen, scholen, kinderdagverblijven, fonteinen, monumenten en andere gebouwen die de stad Aken gebruikt om haar taken uit te voeren, inclusief de bijbehorende groene zones.
(2) Het bedrijfsdoel omvat ook de nieuwbouw en de planning, de aankoop en verhuur van de in lid 1 genoemde onroerende goederen, het beheer van nevengebieden en nevengebruiken, evenals het waarborgen van de infrastructurele diensten (centraal inkoopbeheer, huis- en postdiensten, schoonmaakbeheer, logistiek) en alle activiteiten die het doel van de onderneming bevorderen.
(3) Aan de instelling kunnen door een besluit van de raad nog meer taken worden toegewezen.
(4) Om haar taken uit te voeren, kan de instelling zowel binnen als buiten het stadsbestuur van Aken een beroep doen op derden, met inachtneming van de lokale wetgeving, met name de bepalingen inzake de organisatie van het bestuur en andere wettelijke voorschriften
(5) De objecten die door de instelling overeenkomstig lid moeten worden beheerd, worden – voor zover ze eigendom zijn van de stad Aken, niet behoren tot het noodzakelijke bedrijfsvermogen van andere instellingen of bedrijven, of symbolen van de stad Aken zijn (bijv. het stadhuis) – ondergebracht in het speciale vermogen van de instelling.
(6) De instelling zorgt ervoor dat het door de stad Aken ingebrachte vermogen in de eerste plaats kan worden gebruikt voor het verwezenlijken van het publieke doel waarvoor het is ingebracht. Als het publieke doel waarvoor het is ingebracht, definitief komt te vervallen of op een andere manier economisch kan worden gewaarborgd, beslist de raad over het andere gebruik of de verkoop van het vermogen of de vermogensbestanddelen.
§ 3
Maatschappelijk kapitaal
Het maatschappelijk kapitaal van de instelling bedraagt 1.000.000 euro (in woorden: één miljoen euro).
§ 4
Bedrijfsleiding
(1) De bedrijfsleiding bestaat uit een technisch en een commercieel bedrijfsleider. Daarnaast kunnen er vaste plaatsvervangers worden aangesteld, die in geval van vervanging de rechten en plichten van de vervangen bedrijfsleider waarnemen. De aanstelling gebeurt op voorstel van de betreffende bedrijfsleider door de gemeenteraad. De burgemeester regelt de taakverdeling en de vervangingsregeling binnen de bedrijfsleiding via een dienstinstructie, met instemming van de bedrijfscommissie.
(2) De instelling wordt door de bedrijfsleiding zelfstandig en op eigen verantwoordelijkheid geleid, tenzij wettelijke voorschriften, met name de gemeentewet, de verordening inzake gemeentelijke bedrijven, de hoofdstatuten van de stad Aken, deze statuten of de dienstinstructies voor de bedrijfsleiding anders bepalen.
(3) De bedrijfsleiding is verantwoordelijk voor het dagelijks beheer, inclusief het beheer van de roerende goederen. Daaronder vallen alle maatregelen die nodig zijn om de instelling draaiende te houden, met name het inzetten van personeel, het opdragen van de nodige onderhoudswerkzaamheden, het aanschaffen van grondstoffen, hulpstoffen en bedrijfsmiddelen, evenals investeringsgoederen voor de dagelijkse behoeften, en het sluiten van aannemingsovereenkomsten.
(4) De bedrijfsleiding is gezamenlijk verantwoordelijk voor het correcte en zuinige beheer van de instelling.
(5) De bedrijfsleiding neemt deel aan de vergaderingen van de bedrijfsraad als het gaat om zaken die de instelling aangaan. Ze heeft het recht – en is op verzoek van de bedrijfsraad verplicht – haar standpunt over de te bespreken onderwerpen uiteen te zetten. In de dienstinstructie voor de bedrijfsleiding kunnen nadere bepalingen worden opgenomen over de deelname van de bedrijfsleiding aan vergaderingen van de gemeenteraad of andere commissies van de stad Aken, evenals over hun rapportageplicht.
(6) Als de bedrijfsleiding naar eigen oordeel van mening is dat ze de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van een instructie van de burgemeester niet op zich kan nemen, en als het kenbaar maken van tegenstrijdige bezwaren van de bedrijfsleiding niet leidt tot een wijziging van de instructie, dan moet de bedrijfsleiding zich onmiddellijk tot de bedrijfsraad wenden. Als er geen overeenstemming wordt bereikt tussen de bedrijfsraad en de burgemeester, moet de hoofdcommissie een beslissing nemen.
§ 5
Bedrijfsraad
(1) Op basis van de gemeentelijke wet voor de deelstaat Noordrijn-Westfalen, de verordening inzake eigen bedrijven voor de deelstaat Noordrijn-Westfalen en de hoofdstatuten van de stad Aken richt de gemeenteraad voor de afdeling Gebouwbeheer een speciale „Bedrijfscommissie Gebouwbeheer“ op.
(2) De bedrijfsraad beslist over alle zaken die aan hem zijn toegewezen door de GO NW, de EigVO NW, de hoofdstatuten van de stad Aken, de bevoegdheidsregeling van de stad Aken en door deze statuten. Hieronder vallen met name
a) Advies over de bedrijfsplanning en de
jaarrekening b) Benoeming van de accountants voor de
jaarrekening c) Goedkeuring van verplichtingen uit
huurovereenkomsten — bij een jaarhuur (basishuur en bijkomende kosten) van meer dan 100.000,-- € of
— als de looptijd van het contract langer
is dan 10 jaar d) Goedkeuring van plannen en nieuwbouw, inclusief uitbreidingen van gebouwen, voor zover het gaat om objecten die deel uitmaken van het speciale vermogen van de instelling en de kosten hoger zijn dan 250.000,-- €, tenzij deze maatregelen al zonder bijzondere voorbehouden in het economisch plan zijn vastgesteld. De in het bevoegdhedenreglement vastgelegde beslissingsbevoegdheden van de commissies van de gemeenteraad blijven onaangetast.
e) Goedkeuring van overige zaken, als de waarde in het individuele geval het bedrag van 250.000,-- € overschrijdt; met uitzondering van zaken die onder het dagelijks bestuur vallen en aangelegenheden die volgens de GO NRW, de EigVO NRW of deze statuten onder de bevoegdheid van de gemeenteraad vallen.
f) Het gunnen van bouwwerkzaamheden volgens de VOB, met inachtneming van § 31 van de
hoofdstatuten— bij onderhandse gunningen vanaf een opdrachtbedrag van 12.000,-- €
— bij een beperkte aanbesteding vanaf een opdrachtbedrag van 120.000,-- €
— bij een openbare aanbesteding vanaf een opdrachtbedrag van 180.000,-- €
Bij voorgenomen gunningen boven deze drempels laat de bedrijfsleiding de fracties en de
fractieloze leden van de bedrijfsraad weten, onder vermelding van de ontvangen offertes, aan welke
inschrijvers de opdracht zal worden gegund. Als er binnen een termijn van 10
kalenderdagen geen bezwaar tegen dit voorstel wordt gemaakt, gaat de gunning door volgens het meegedeelde voorstel van de
bedrijfsleiding. Wordt er bezwaar gemaakt, dan beslist de bedrijfsraad over de gunning.
g) Gunningen van leveringen en diensten volgens de VOL, met inachtneming van § 31 van de
hoofdstatuten — bij onderhandse gunning vanaf een opdrachtbedrag van 6.000,-- €
— bij een beperkte aanbesteding vanaf een opdrachtbedrag van 12.000,-- €
— bij een openbare aanbesteding vanaf een opdrachtbedrag van 30.000,-- €
; letter f), zin 2 en 3, geldt overeenkomstig.
h) Gunning van diensten volgens de aanbestedingsregeling voor freelance-diensten (VOF) –
letter f), zin 2 en 3, geldt
overeenkomstigd) Goedkeuring van het uitschrijven van architectuurwedstrijden, ook voor gebouwen die door derden worden gebouwd.
j) Advies en aanbeveling aan de gemeenteraad over de benoeming van de bedrijfsleider en de plaatsvervangend bedrijfsleider
(3) De bedrijfsraad bereidt de zaken voor waarover de gemeenteraad moet beslissen. Hij beslist over zaken die onder de bevoegdheid van de gemeenteraad vallen, als de zaak geen uitstel duldt. In gevallen van uiterste urgentie kan de burgemeester samen met de voorzitter van de bedrijfsraad een besluit nemen. Dit besluit moet tijdens de volgende vergadering ter goedkeuring aan de gemeenteraad worden voorgelegd.
(4) Bij zaken waarover de bedrijfsraad moet beslissen, neemt de burgemeester in geval van uiterste nood samen met de voorzitter van de bedrijfsraad een besluit. Het besluit moet tijdens de volgende vergadering ter goedkeuring aan de bedrijfsraad worden voorgelegd.
(5) De ondernemingsraad bestaat uit 5 stemgerechtigde leden.
§ 6
Bevoegdheden van de raad
De gemeenteraad beslist over alle zaken met betrekking tot het gebouwenbeheer van de stad Aken die aan hem zijn voorbehouden door de GO NW, de EigVO NW, de hoofdstatuten van de stad Aken en de bevoegdheidsregeling van de stad Aken. Hieronder vallen met name:
a) de oprichting, uitbreiding, inperking of ontbinding van de instelling
; b) de wijziging van de rechtsvorm van de instelling
; c) de benoeming van de
bedrijfsleiders; d) de vaststelling en wijziging van het bedrijfsplan
; e) de vaststelling van de jaarrekening en de bestemming van de jaarwinst of de dekking van een verlies
; f) de terugbetaling van eigen vermogen aan de stad
; g) het beschikken over het vermogen van de instelling, de verkoop en bezwaring van onroerend goed, het doen van schenkingen en het verstrekken van leningen ten laste van de instelling
; h) het verstrekken van borgstellingen, het sluiten van garantieovereenkomsten en het stellen van overige zekerheden, voor zover deze niet onder de bevoegdheid van de bedrijfsraad vallen of geen eenvoudige zaken van het dagelijks bestuur zijn
; i) het voeren van rechtszaken en het sluiten van buitengerechtelijke schikkingen, voor zover deze geen eenvoudige zaken van het dagelijks bestuur zijn.
§ 7 De
functie van de burgemeester
(1) De burgemeester is de leidinggevende van het personeel van de instelling. In de dienstinstructie voor de bedrijfsleiding legt hij vast in hoeverre hij de beslissingsbevoegdheden die hem volgens de GO NW en de hoofdstatuten van de stad Aken toekomen, aan de bedrijfsleiding overdraagt.
(2) De burgemeester moet de werkzaamheden van de bedrijfsleiding afstemmen op de doelstellingen van het algemene bestuur en de belangen van de instelling en andere onderdelen van het stadsbestuur op elkaar afstemmen. Daartoe kan hij instructies geven en informatie opvragen bij de bedrijfsleiding. De regels die nodig zijn voor de samenwerking tussen de instelling en de burgemeester, de stadspenningmeester en de rest van het stadsbestuur staan vastgelegd in de dienstinstructie voor de bedrijfsleiding.
(3) De burgemeester is verantwoordelijk voor het indienen van de voorstellen bij de bedrijfsraad en bij de gemeenteraad.
§ 8 De
functie van de wethouder
(1) De belangen van de instelling worden binnen het stadsbestuur behartigd door de wethouder voor de afdeling Ruimtelijke Ordening. Deze vertegenwoordigt de burgemeester in alle zaken die met de bedrijfsvoering te maken hebben, voor zover deze niet zijn voorbehouden aan de burgemeester of diens vaste plaatsvervanger.
(2) De bevoegde wethouder moet tijdig op de hoogte worden gebracht van alle belangrijke zaken die de instelling aangaan. Op verzoek moet haar in alle zaken informatie worden verstrekt.
(3) De bevoegde wethouder is de leidinggevende van de bedrijfsleiding in de zin van § 1, lid 2, van het dienstreglement van het stadsbestuur van Aken, beperkt tot instructies ter waarborging van de uniformiteit van het bestuur van het gebouwenbeheer van de stad Aken en het algemene bestuur.
(4) Bij meningsverschillen binnen de bedrijfsleiding neemt de verantwoordelijke wethouder de uiteindelijke beslissing.
§ 9 De functie
van de stadspenningmeester
(1) De bedrijfsleiding moet het ontwerp van het bedrijfsplan, de
vijfjarenbegroting, de jaarrekening en het jaarverslag aan de stadspenningmeester voorleggen voordat deze naar de bedrijfsraad worden doorgestuurd. Als de stadspenningmeester het niet eens is met een ontwerp dat volgens zin 1 moet worden voorgelegd, moet hij zijn bezwaren of wensen voor wijzigingen en aanvullingen binnen drie weken na ontvangst door de bedrijfsleiding kenbaar maken. Als de bedrijfsleiding hiermee niet akkoord kan gaan, moeten de meningsverschillen tussen de stadspenningmeester en de bedrijfsleiding samen met de ontwerpen aan de bedrijfsraad worden voorgelegd.
(2) De bedrijfsleiding moet de kwartaalcijfers over de economische ontwikkeling aan de stadspenningmeester verstrekken.
(3) Op verzoek moet de bedrijfsleiding de stadspenningmeester bovendien alle overige financiële informatie verstrekken.
§ 10
Vertegenwoordiging van de instelling
(1) De bedrijfsleiding vertegenwoordigt de stad gezamenlijk in alle zaken van de instelling die onder haar eigen bevoegdheid vallen of waarover de bedrijfsraad de uiteindelijke beslissing neemt; in alle overige zaken van de instelling wordt deze vertegenwoordigd door de burgemeester.
(2) De bedrijfsleiding tekent
: a) in zaken volgens lid 1, eerste zin, onder de naam „Gebouwbeheer van de stad Aken” zonder vermelding van een
vertegenwoordigingsverhouding; b) in zaken volgens lid 1, zin 2, onder de benaming „De burgemeester Gebouwbeheer van de stad Aken”, met vermelding van de vertegenwoordigingsverhouding.
(3) Andere medewerkers van de afdeling Gebouwbeheer van de stad Aken mogen namens de afdeling handtekeningen zetten als ze daar speciaal voor bevoegd zijn. Ze schrijven er altijd ‘In opdracht van’ bij.
(4) Overigens gelden aanvullend de bepalingen van de dienstinstructie voor het bedrijfsmanagement.
(5) Wie er namens het bedrijf mag optreden en wie er bevoegd is, en hoe ver hun bevoegdheden precies gaan, wordt door de bedrijfsleiding bekendgemaakt volgens de geldende lokale regels.
§ 11
Personeelszaken
(1) De aanstelling, benoeming, bevordering en ontslag van de bedrijfsleiding en de plaatsvervangende bedrijfsleiding gebeurt door een besluit van de gemeenteraad.
(2) Voor de benoeming, bevordering en ontslag van ambtenaren gelden de bepalingen van § 24 van de hoofdstatuten van de stad Aken.
(3) De bedrijfsleiding neemt alle beslissingen op het gebied van arbeidsrecht en cao-recht, inclusief aanstellingen, binnen de kaders van de cao-bepalingen.
(4) De aanvullende bepalingen in de dienstinstructie voor het bedrijfsmanagement moeten in acht worden genomen. De overdracht van beslissings- en tekenbevoegdheden op het gebied van personeels- en organisatieaangelegenheden, de bevoegdheden overeenkomstig § 74, lid 3, GO NW en § 8, leden 1 en 4, van de Landespersonalvertretungsgesetz NRW, regelt de burgemeester via dienstinstructies voor het bedrijfsmanagement.
§ 12
Boekjaar
Het boekjaar van de afdeling Gebouwbeheer van de stad Aken is het kalenderjaar.
§ 13
Boekhouding
De afdeling Gebouwbeheer van de stad Aken voert haar boekhouding volgens de regels van de commerciële dubbele boekhouding. Daarnaast houdt ze ook een kostenberekening bij.
§ 14
Kasbeheer
Voor de kasvoering van het gebouwenbeheer van de stad Aken wordt een speciale kas opgezet. De bepalingen van de verordening inzake de kasvoering van gemeenten (Gemeentekasverordening) – in de telkens geldende versie – zijn hierop van toepassing.
§ 15
Begroting
(1) Voor het begin van het boekjaar moet de bedrijfsleiding een bedrijfsplan opstellen. Dit bestaat uit het resultatenplan, het vermogensplan en het personeelsoverzicht.
(2) Het ontwerp van het bedrijfsplan voor het komende boekjaar moet uiterlijk op 30 november van het lopende boekjaar ter bespreking aan de bedrijfsraad worden voorgelegd en daarna ter goedkeuring aan de gemeenteraad worden doorgestuurd.
3) Het bedrijfsplan moet onmiddellijk worden aangepast als aan een van de voorwaarden uit § 14, lid 2 van de EigVO NW wordt voldaan. Daarbij geldt:
a) Een aanzienlijke verslechtering van het jaarresultaat ten opzichte van het resultaatplan in de zin van § 14, lid 2, letter a) EigVO NW is met name van toepassing wanneer in de loop van het boekjaar blijkt dat het geraamde jaarresultaat, ondanks het benutten van alle besparingsmogelijkheden, niet in de opgegeven hoogte wordt behaald en er een verlies van meer dan 15 %, minimaal 150.000,-- €, zal ontstaan.
b) Er is sprake van een aanzienlijk hogere toevoeging aan het vermogensplan in de zin van § 14, lid 2, onder
e) EigVO NW, als de geplande toevoeging met meer dan 20 % minstens 200.000,-- € , moet worden verhoogd
, hogere kredieten nodig zijn of extra vastleggingskredieten nodig zijn.
(4) Voor het opstellen en uitvoeren van het bedrijfsplan gelden de artikelen 14 tot en met 17 van de EigVO NW:
a) De posten binnen het resultatenplan moeten onderling dekkbaar zijn. Inkomstenverliezen of extra uitgaven in het resultatenplan die het resultaat in gevaar brengen, vallen onder § 15, lid 3 van de EigVO NW als de totale begroting van inkomsten en uitgaven met meer dan 10 %, of minimaal 100.000,-- €, moet worden onderschreden of overschreden. In dat geval moeten de bedrijfsraad en de stadspenningmeester onmiddellijk op de hoogte worden gebracht. Extra uitgaven die het resultaat in gevaar brengen, vereisen voorafgaande toestemming van de bedrijfsraad.
b) Uitgaven voor verschillende projecten van het vermogensplan die inhoudelijk nauw met elkaar verband houden, kunnen onderling worden gedekt. Extra uitgaven voor een afzonderlijk project die 10 % van de begroting in het kapitaalplan overschrijden, met een minimum van 100.000,-- €, moeten volgens § 16 lid 5 zin 2 EigVO NW worden goedgekeurd door de bedrijfsraad.
c) Uitgaven waarvoor geen begrotingspost in het kapitaalplan bestaat, moeten vanaf een bedrag van 50.000,-- € worden
goedgekeurd door de bedrijfsraad.
d) In de gevallen van de punten 2 en 3 moet de stadspenningmeester op de hoogte worden gesteld voordat de goedkeuring van de
bedrijfsraad wordt gevraagd.
§ 16
Financiële planning
(1) Samen met het bedrijfsplan moet een vijfjarig financieel plan worden ingediend, overeenkomstig § 18 EigVO NW.
(2) Het eerste jaar van de planningsperiode is het lopende boekjaar.
§ 17 Reserves
Voor de technische en economische verdere ontwikkeling van de instelling moeten uit de jaarwinst passende reserves worden gevormd.
§ 18
Tussentijdse verslagen
De bedrijfsleiding moet de burgemeester, de stadspenningmeester en de bedrijfsraad elk halfjaar schriftelijk op de hoogte brengen van de ontwikkeling van de inkomsten en uitgaven en van de uitvoering van het vermogensplan.
§ 19
Jaarrekening
(1) De jaarrekening en de resultatenrekening moeten uiterlijk zes maanden na afloop van het betreffende boekjaar, volgens de voorschriften van het Derde Boek van het Wetboek van Koophandel, door de bedrijfsleider worden opgesteld, laten controleren en vervolgens via de stadspenningmeester / de stadspenningmeester en via de burgemeester aan de bedrijfscommissie en de gemeenteraad worden voorgelegd.
(2) De balans wordt op vrijwillige basis opgesteld en gecontroleerd, tenzij uit verordeningen of wettelijke voorschriften iets anders blijkt.
(3) De goedkeuring van de jaarrekening door de raad moet openbaar worden gemaakt. De bepalingen van § 26, lid 3, van de EigVO NRW moeten in acht worden genomen.
§ 20 Examen
(1) De controle op de regelmatigheid van het handelen van de bedrijfsleiding vindt plaats volgens de desbetreffende bepalingen van de GO NW.
(2) De jaarrekening moet worden gecontroleerd. De bedrijfsleiding kan, na een besluit van de bedrijfsraad, een accountant, een accountantskantoor of de gemeentelijke controle-instantie de opdracht geven om de jaarrekening te controleren. Het controleverslag moet aan de bedrijfsraad worden voorgelegd.
Artikel III
Inwerkingtreding
De 4e wijzigingsverordening op de exploitatieverordening van de stad Aken voor de instelling „Gebäudemanagement der Stadt Aachen”, die functioneert als een eigen bedrijf, van 16 december 2003 treedt na de openbare bekendmaking ervan op 1 januari 2026 in werking.
Aken, 28 januari 2026
(Dr. Ziemons)
burgemeester